Het werkbezoek van toenmalig Staatssecretaris Vivianne Heijnen met Eric Mahieu. Foto: Ron Offermans
Het werkbezoek van toenmalig Staatssecretaris Vivianne Heijnen met Eric Mahieu. Foto: Ron Offermans

Zorgen om staalslakken in Ooster- en Westerschelde

Zeeuwse Natuurbelevenissen

Oosterschelde - Staalslakken: weinig mensen hebben er ooit van gehoord, maar in de dorpen aan de Ooster- en Westerschelde is het woord inmiddels beladen, zeker in de visserijindustrie. Het gaat om een restproduct uit de staalindustrie dat jarenlang is gebruikt om oevers en dijken te verstevigen. Nu de risico’s steeds duidelijker worden, groeit de roep om een definitief verbod. In Zeeland blijft het onderwerp dan ook hoog op de agenda staan.

Door Sarah Klopmeijer

De Zeeuwse Milieufederatie (ZMf), vissers, duikers, gemeenten en provincie trekken al jaren aan de bel. Eric Mahieu van de ZMf ziet van dichtbij hoe het debat telkens oplaait. “We hebben het over twee unieke wateren, rijk aan natuur.
Daar wil je geen materiaal gebruiken waarvan we niet zeker weten wat het doet,” zegt hij.

Wat zijn staalslakken eigenlijk?

Staalslakken ontstaan bij de productie van staal. Nadat het ijzererts is gesmolten, blijft een steenachtig materiaal over dat eruitziet als grove kiezel. In Nederland komt het vooral van Tata Steel. Omdat het zwaar is, aan elkaar klontert en in grote hoeveelheden beschikbaar is, werd het jarenlang gebruikt onder water: als stevige laag tegen erosie langs dijken en vaargeulen.

Maar er bleek een keerzijde. In tegenstelling tot breuksteen - natuurlijke rotsblokken met holtes die plaats bieden aan kreeften, krabben en kleine vissen - vormen staalslakken onder water een vrijwel gesloten laag.
Een harde wand zonder schuilplekken. Duikers zagen dat al tientallen jaren geleden gebeuren. Later kwam een grotere zorg boven tafel: contact met water kan stoffen losmaken zoals zink en arsenicum. In kleine watergangen leidde dat zelfs tot vissterfte. “Onder water zie je het niet snel, maar we weten dat deze stoffen jarenlang kunnen uitlogen,” zegt Mahieu. “Het is niet iets wat na een paar maanden stopt.”

Voorzorg of gebruik blijven toestaan?

De Tweede Kamer riep afgelopen zomer op tot een pauze: eerst duidelijkheid over de risico’s, dan pas weer gebruiken. Staatssecretaris Aartsen reageerde met een tijdelijk verbod, maar met uitzonderingen.
Op kwetsbare plekken mag het niet meer, maar in diepe wateren zou het volgens het Rijk wel kunnen. Onder andere omdat onderzoeken tot nu toe geen schadelijke concentraties in mosselen aantonen.

Voor de Zeeuwse visserij is dat onvoldoende geruststelling.
Woordvoerder Addy Risseeuw van Zeeuwse visserijsectoren: “Het gaat om enorme hoeveelheden. De langetermijneffecten zijn onbekend. Dan moet je uit voorzorg stoppen.” De sector ziet sterfte bij soorten als kreeft en krab, al is het directe verband nog niet wetenschappelijk bewezen.

Ook valt op dat staalslakken soms opduiken op plekken waar ze niet horen te liggen: op stranden, drooggevallen platen midden in de Westerschelde of zelfs langs wandelroutes.
Hoe ze daar komen, is nog onduidelijk. Mahieu: “Als het systeem ze gaat verspreiden, verlies je grip. Dan kun je het niet meer monitoren.”

Hoe nu verder?

Het tijdelijke verbod gaf Zeeland even lucht.
Rijkswaterstaat stopte met geplande stortingen en koos op sommige plekken opnieuw voor breuksteen. Toch ligt het onderwerp opnieuw op tafel: Addy Risseeuw benadrukt dat er volgende maand bestuurlijk overleg met de staatssecretaris plaatsvindt, terwijl Eric Mahieu aangeeft dat Rijkswaterstaat inmiddels verkent welke dijk- en oevertrajecten de komende jaren versterkt moeten worden - projecten waarbij de keuze voor staalslakken opnieuw een rol speelt.

Mahieu wil vooral duidelijkheid. “We moeten voorkomen dat het dossier telkens terugkomt zodra de aandacht verslapt. De enige logische route is een volledig verbod op het gebruik van staalslakken in onze wateren.” Hij benadrukt dat er alternatieven zijn, al zijn die ook niet perfect. Breuksteen moet bijvoorbeeld uit steengroeven komen. “Maar in Natura 2000-gebieden kies je liever voor een natuurlijk product dan voor industrieel afval.”

Dat er een brede Zeeuwse coalitie is ontstaan - gemeenten, provincie, vissers, natuurorganisaties en recreatiesector - geeft hem vertrouwen. De gezamenlijke boodschap is helder: geen nieuwe stortingen totdat vaststaat dat het veilig is.

Tot die tijd blijft waakzaamheid nodig. De wateren van Reimerswaal tot Schouwen-Duiveland en van Walcheren tot Zeeuws-Vlaanderen spelen een grote rol in natuur, visserij en recreatie. Of zoals Mahieu het samenvat: “De Ooster- en Westerschelde zijn te kostbaar om er mee te experimenteren. We zijn het aan de generaties na ons verplicht om zorgvuldig te zijn.”

Een staalslak op het strand bij Domburg. Foto: Eric Mahieu